Natuur rond de jaarwisseling

We zijn in onze maatschappij aardig vervreemd van de echte wereld om ons heen.

Hoezo?

Er bloeien en groeien planten en dat is “nieuws” ! De natuur is van slag bijvoorbeeld. Een veel misbruikte term. Nee.. de natuur is niet van slag, WIJ zijn van slag. Wij weten niet meer hoe het gaat daarbuiten. En eigenlijk is dat heel alarmerend. Veel alarmerender dan bloeiende planten en vliegende muggen midden in de winter.

Witte dovenetel, bloeiend op 1 januari 2014

Witte dovenetel, bloeiend op 1 januari 2014. “vergeten groente” populair bij wildplukkers als salade bijvoorbeeld.

Waarom weten we dat niet meer? Daar kun je grote beschouwende artikelen over schrijven. Doe ik niet hier en nu. Het voornaamste is dat we de waardering voor de natuur, die zonder onze inmenging of ondanks onze inmenging ons niet meer van jongs af aan meegegeven wordt.

Langzamerhand is de biologieles verworden tot kennis van het menselijk lichaam. Niet dat we daar echt wat aan hebben, maar “het is heel belangrijk”! Daarnaast heet de biologieles tegenwoordig “Natuur en Techniek” Ook op de basisschool. Vanuit de industrie wordt veel geld gestoken in “Techniekonderwijs” Want dat is “heel belangrijk”.
Op school moet je vooral leren lezen en rekenen. Heel goed lezen, dat heb je nodig in deze tijd waar zoveel informatie over je heen gestort wordt. Dat gaan we toetsen en o wee als je als school wat minder presteert met lezen en rekenen, dan is de wereld te klein. Oh ja, dan is er ook nog aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer waar vooral gekleurde geschiedenis wordt onderwezen (vaderlandse…) aardrijkskunde niet meer is dan wat decoratief geneuzel en maatschappijleer vooral de huidige materialistische leefwijze van nu propageert. Niet uitzonderlijk, dat is al heel lang zo. Maar waar zit dan “Kennis der natuur”? 1 uurtje per week als je geluk hebt. Soms iets meer, en dan de hele schoolgang door. Opgelepeld door leerkrachten die zelf nooit biologie onderwijs hebben gehad of het kregen als een verplicht onderdeel op de opleiding waar ze blij van waren dat ze het gehaald hadden.

Wat raar dat we dan na zoveel jaren gaan constateren dat de natuur toch wel heel iets exotisch is. Toch? Of niet?

Dat slechte onderwijs zorgt er wel voor dat politici ons nog verder kunnen vervreemden van die natuur. Voorbeelden te over. Nu zelfs zo erg dat een minister zelfs met droge ogen kan beweren dat natuurgeneeskunde iets is voor wanhopige mensen en de charlatans van de pharmaceutische industrie alle gelijk van de wereld geeft. DAN ben je als industrie goed bezig geweest! Dat je volksvertegenwoordigers voor je commerciële kar kunt spannen…

Maar ook de landbouwindustrie is “goed” bezig. Natuur is traditioneel de erfvijand van de boer. Het gewas moet groeien, niet de mee-eters. Op zich niets mis mee, maar we hebben ook dat ge-industrialiseerd en een paar grote spelers gaan dat, op straffe van hoge boetes, voor zichzelf houden. En ook daar spannen ze het rechtssysteem voor hun kar. Knap gedaan! Kennis bij het volk over wat de natuur echt is en wat voor waarde die heeft is niet de bedoeling. Ook dat is dus gelukt.
Er zijn zelfs politieke partijen die natuurbescherming of kennis der natuur bestempelen als “Linkse hobby” . Terwijl bescherming natuurlijk rechts is: behoudend, beschermend, natuurhistorie… de naam zegt het al: conservatief.

Maar wat is nu de werkelijkheid. Als je daar van mag spreken natuurlijk. Iedereen bepaalt zijn eigen werkelijkheid. Dat eten bijvoorbeeld. Is de natuur wel de vijand van de boer. Natuurlijk niet. We hebben de wilde natuur heel hard nodig. Alleen al de bodem. Zonder bodemleven geen opbrengst. Zonder roofinsecten eindeloze plagen van mee-eters. Zonder vogels nog veel meer mee-eters, zonder wilde bijen geen vruchten, zonder “tamme” bijen nog minder vruchten en geen honing meer. Zonder planten geen geneesmiddelen meer.

Honingbij met stuifmeel op kers

Honingbij op kers

Dat is raar… geneesmiddelen maken we toch synthetisch? Zonder planten geen geneesmiddelen? Nog steeds komt een deel van onze reguliere geneesmiddelen rechtstreeks uit planten of schimmels. Maar dat is iets wat de industrie achterhoudt. Ook al omdat ze die natuurlijke middelen niet volledig in de hand hebben. DAT is de reden voor kostbaar onderzoek om te kijken of ze het in de hand kunnen krijgen. Er worden miljoenen uitgegeven aan onderzoek naar inhoudsstoffen van planten om te zien of daar nieuwe geneesmiddelen uit te destilleren zijn. En die worden er gevonden. Natuurlijke geneesmiddelen dus. Bijna dagelijks worden er ontdekkingen gedaan.
Maar ook de oude middelen zitten nog in tal van doosjes en potjes die door Anti Kwakzalverij fanaten opgehemeld worden. Zonder dat we het weten of herkennen trouwens. Calendula, Symphytum, Arnica…  middelen die in allerlei cosmetische middelen zijn verwerkt omdat er geen alternatieven voor te vinden zijn. Honing en andere bijenproducten vinden hun weg in preparaten voor wondbehandeling in ziekenhuizen omdat de industrie daar geen oplossing voor heeft. Antibiotica komen van massaal gekweekte schimmels, omdat we ze niet kunnen namaken om maar een paar voorbeelden te geven.

Goudsbloem, Calendula officinalis. Bloeit nog op 5 januari 2014

Goudsbloem, Calendula officinalis. Bloeit nog op 5 januari 2014

Wat moeten we nu doen om die kennis van onze wilde leefomgeving weer wat terug te krijgen? We moeten laten zien hoe bijzonder die natuur is.  Die overla is, zelfs tussen de straatstenen en op de muren van onze huizen.
Dat veel mensen daar toch wel open voor staan zie je aan bijvoorbeeld de hausse aan “wildplukkers” Terug naar de natuur, maar dan wel onder leiding. Tientallen mensen willen weten wat eetbaar is in de wilde natuur. Vergeten groenten staan weer in de belangstelling. Paddenstoelen kun je toch eten? Maar we zijn jarenlang geïndoctrineerd dat paddenstoelen vooral giftig kunnen zijn, dus afblijven.

Verzekeringsmaatschappijen roepen al jaren dat alleen al wandelen in de buitenlucht genezend kan zijn. Lichaamsbeweging, de rust, de kleur heeft invloed op het geestelijk welzijn. Als daar ook nog kennis en waardering bijkomt voor alles wat zonder onze zorg leeft en floreert dan houden ook voor langere tijd een leefbare wereld in stand.

Maar als dat zo is, waarom doen we dat dan niet allang? Waarom zitten natuurbeschermers dan in de verdomhoek, waarom krijgen we alleen maar 1 uur biologieles waar dan ook nog de meeste tijd aan het lichaam en de techniek gewijd is? De huidige schoolmethodes en die nu ontwikkeld worden besteden nog maar heel weinig aan die pure natuurkennis (informatie uit eerste hand, we werken aan een heel nieuwe onderwijsmethode in opdracht van een uitgeverij) “Omdat het niet verkoopt” ofwel op scholen “mag” men er geen tijd aan besteden. Rekenen, lezen… Natuur en milieucentra krijgen geen subsidie meer van de maatschappij om informatie te geven. De een na de ander moet sluiten. En daarbij gaat veel kennis verloren. Van beroepsmensen die nog wel wat van de natuur weten, maar ook de liefhebbers, de vrijwilligers die ook veel veldkennis hebben kunnen niet meer op scholen terecht.

De “natuur” sponsort ook niet. De natuur verdient geen geld met kennis over zichzelf. De natuurbescherming heeft moeite om zichzelf in stand te houden. Die klaagt wel dat ze leden verliezen en dat er bezuinigd wordt, maar kan geen vuist maken. Door gebrek aan kennis weet “men” en dus de politiek, niet wat de waarde is van natuur, hoe afhankelijk we er van zijn. En dat begrip aan kennis zullen we ook niet meer krijgen als het vrijwel geheel uit het onderwijs verbannen is. Wat DAT betreft heeft de maatschappij waar we nu in leven wel succes gehad. De industriële maatschappij waar alleen iets van waarde is als het gemaakt kan worden. Als er aan verdiend  kan worden. DAAR is geld voor.

Laten we proberen de politiek te overtuigen om meer ruimte te geven voor kennis over onze leefomgeving. Laten we de natuurbeschermingsorganisaties nog meer overtuigen van het nut mensen te betrekken bij hun werk. Er zijn hoopvolle initiatieven om de jeugd daarbij te betrekken. Maar waarom nou weer op meer manieren. Eenheid en gezamenlijk optrekken zijn geen sterke punten van die natuurbescherming. Er zit nog steeds een gevoel van concurrentie tussen de organisaties. Kijk wat Staatsbosbeheer doet en Natuurmonumenten en de 12 Landschappen en het IVN, Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid

En neem nou een Stichting Veldwerk. Al jaren heel goed bezig met natuureducatie. Geven onder meer een blad uit voor het onderwijs. “Natuur aan de Basis” Om leerkrachten te helpen om TOCH les te geven in biologie. Om goede ideeën te geven. Maar waarom zou je daar geld aan uitgeven als leerkracht of als school? Je MAG toch geen biologie meer geven? En waarom zijn er dan geen organisaties die zeggen… “Dat blad houden wij in de lucht” ?  Nee, het gaat ten gronde om dat Natuurmonumenten er niets in ziet, Europa ziet er niets in, de landbouw ziet er niets in, de overheid ziet er niets in, zelfs politieke partijen die groen zeggen te zijn zien er niets in.. de natuur sponsort niet.

Natuur aan de Basis

Natuur aan de Basis

Kom op mensen. Laten we er wat aan gaan doen! Gezamenlijk! Met hulp van de verzekeraars desnoods. Vanuit de gezondheidszorg. Vanuit de wildplukkers, herboristen, natuurgeneesmiddelen industrie (ook industrie!) Biologische landbouw…  het moet toch kunnen???

Dan staan we niet meer verrast over de bloeiende boterbloem in de winter maar dan zeggen we .. hee leuk .. hij bloeit nog/al

Boterbloem bloeiend op 1 januari 2014

Boterbloem bloeiend op 1 januari 2014

Goed opletten

Wanneer je buiten bent moet je soms geluk hebben om iets bijzonders te zien.

Ik was op bezoek bij de Botanische tuinen in Utrecht om een paar detailfoto’s te maken van geneeskrachtige planten. Er stond (11 september 2013) nog heel veel in bloei en de zon kwam er zo nu en dan goed door. Dat trekt veel vlinders. Maar zo aan het eind van de zomer, begin herfst zijn dat er uiteraard niet zo veel meer. Er vlogen nog veel witjes, een enkele kleine vos, natuurlijk de kleine vuurvlinder… en een paar blauwtjes. Een icarus blauwtje en eentje die ik niet meteen herkende. Dus snel gefotografeerd, dan had ik die alvast.
Gelukkig was ze druk bezig met eten op de Verbena en klapte opeens de vleugels op. Dat was bijzonder! Een tijgerblauwtje. Die ken ik alleen van Frankrijk..

Tijgerblauwtje

Het blijkt een trekvlinder te zijn die in mooie zomers een heel enkele keer ons land aandoet. Normaal gesproken leeft hij in Zuid Europa en legt eitjes op bonen. De rupsen eten de peulen van bonen en erwten en dat vinden boeren niet leuk uiteraard. In ons land legtgen, zover we weten, geen eitjes en hebben de bonentelers niets te vrezen.

Ook bij de Botanische Tuinen waren ze blij met deze waarneming en gelukkig had ik er goede foto’s van kunnen maken als bewijs. Maar iedereen had de vlinder kunnen zien! Goed opletten dus en niet denken..oh dat is een blauwtje… maar kijk even goed en probeer hem te fotograferen als je niet zeker weet wat het is.

Tijgerblauwtje

Bloemen op tafel

Je kunt natuurlijk in de zomer heel veel bloemen fotograferen, maar soms staat er op tafel een boeket waar je niet om heen kunt. Zo kregen wij een bos pioenen en in het avondlicht was dat prachtig om te zien. Kruip er dicht op en je kunt de meest fantastische foto’s maken waar je makkelijk een mooie afdruk van kan laten maken voor aan de muur of zoals tegenwoordig ook kan: een tuinposter! Dab heb je ook bij slecht weer nog een mooie bloem in je tuin of op je balkon!

Pioenroos-MSD-20130708-294183 Pioenroos-MSD-20130708-294181 Pioenroos-MSD-20130708-294187 Pioenroos-MSD-20130708-294190

Forten

AfbeeldingIn het late voorjaar, mei-juni maar soms ook verder in het jaar worden er overal monumentendagen gehouden. Bijvoorbeeld de forten van Stelling van Amsterdam, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en op nog veel meer plaatsen. Je kunt die vinden op verschillende websites.

Het leuke van die forten is natuurlijk de geschiedenis. Waarom zijn ze gebouwd, hebben ze ook echt dienst gedaan in een oorlog (bijna geen één!) zijn er fouten gemaakt bij de bouw en hoe kon dat… Maar ook liggen de forten nu vaak in een natuurgebied of zijn zelf een natuurgebied geworden. Niet voor niets hebben Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer verschillende forten in hun bezit.

Afbeelding

Je kunt er ook heel mooi foto’s met een verhaal maken. Maak dan niet alleen overzichtsfoto, hoewel dat al best indrukwekkend kan zijn, maar ga op zoek naar details. Kijk ook binnen en fotografeer eens naar buiten. Bijvoorbeeld Fort Kijkuit bij Vreeland. Een fort in bezit van Natuurmonumenten op de kruising van de weg van Hilversum naar Vreeland bij de afslag Nederhorst den Berg.

Je ziet het in camouflage kleuren geschilderde wachtgebouw, een kijkje van binnen naar buiten en een oude electriciteits-schakelkast aan de muur.Afbeelding

Vroegbloeiers

breed longkruid

Het voorjaar is natuurlijk een ideale tijd om weer naar buiten te gaan en te ontdekken dat de natuur weer tot leven komt. Niet dat de natuur niet actief was, het was alleen wat minder in de winter.

Vogels gaan nestelen, insecten worden wakker, wat veel vogels heel erg prettig vinden… en planten gaan groeien en bloeien. De alleereerste bloemen die gaan bloeien zijn vaak bosbewoners. Die moeten bloeien voordat er blad aan de bomen komt. Ze zijn vaak fel gekleurd om zo de aandacht te trekken van de weinige insecten die er zijn.

Een mooi voorbeeld is het longkruid. Deze plant groeit in het wild in lichte bossen en aan bosranden. Niet alleen een (zeldzame) wilde plant in Nederland, maar ook al eeuwen gekweekt in tuinen. Dat deed men vroeger vooral voor de geneeskrachtige werking. Het blad lijkt wel wat op een long en daarom dacht men dat het longkruid goed zou kunnen zijn voor longziektes, of liever, tegen longziektes. In de praktijk blijkt dat het daar niet echt tegen werkt hoewel er wel stoffen inzitten die verzachtend op de keel werken. Dus een beetje hielp het wel, maar longontsteking gaat er niet van over!

Tegenwoordig wordt hij vooral gekweekt voor de uitbundige bloei vroeg in het jaar en de bijzonder mooie kleuren, ook van het blad. Er zijn heel wat verschillende soorten te koop. Dit is een heel oude gekweekte soort, dus nog van de geneeskrachtige kruidentuinen.

 
breed longkruid

Haarmos

Haarmos met druppels, in februari terwijl de sneeuw net weggesmolten is.

Fototip:

Je kunt proberen alles heel scherp te fotograferen, maar kijk ook eens door je oogharen en probeer dat na te doen. Fotografeer door de plant heen. Het lukt niet altijd maar soms wel. Speel ook met het diafragma. Een heel grote opening zoals bij deze foto zorgt voor een smalle rand scherpte. De rest wordt heel wazig. Dit is met een 100mm macrolens gemaakt.

MSD-20130206-285355

Klauwtjesmos

In de winter en het vroege voorjaar zijn veel mossen op hun best. Geen concurrentie van bladeren aan de boom en meestal niet droog. Veel mossen maken nu hun sporenkapsels, de doosjes waar de sporen in zitten. Sporen zijn voor de voortplanting van de mossen.

Mossen zijn heel klein en ze lijken allemaal hetzelfde. Maar er zijn veel soorten te vinden, over de hele wereld en natuurlijk ook in Nederland. Ze hebben meestal geen aarde nodig en hebben ook geen echte wortels zoals andere planten. Ze groeien dan ook op de meest onwaarschijnlijke plaatsen.
In het bos staan ze vaak op bulten, stenen, slootkanten, op dode bomen en ook op levende bomen. Daar hebben die bomen geen last van. Je kunt ze herkennen aan de sporenkapsels en aan de vorm van de blaadjes en takjes.
Dit is gewoon klauwtjesmos, de blaadjes zijn net kleine klauwtjes.

Fototip:

Fotografeer mos niet van boven maar van opzij. Dan zie je de sporenkapsels er boven uit steken. Soms zitten er ook waterdruppels op en die zie je ook beter wanneer je ze in tegenlicht fotografeert. Het is wel prettig wanneer je een dichtbijstand op je camera hebt of wanneer je een macro-objectief gebruikt. Mossen zijn vaak heel klein.

MSD-20130206-285363